Bijdragen, i, 1961, tijdschrift voor philosophie en theologie PDF

Descartes woonde en werkte 20 jaar in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, waar bijdragen, i, 1961, tijdschrift voor philosophie en theologie PDF zijn belangrijkste publicaties schreef. Descartes’ methode van en visie op onderzoek kreeg navolging in heel Europa. Zijn werk werd gepropageerd door Baruch Spinoza, Nicolas Malebranche en Gottfried Leibniz. In 1618 vertrok hij naar Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, waar hij zich als vrijwilliger aansloot bij het Staatse leger van Prins Maurits bij Breda.


Na het uitbreken van de Dertigjarige Oorlog werd Descartes benoemd tot officier in het leger van de katholieke Maximiliaan I van Beieren, dat vocht in Bohemen. In de nacht van 10 november 1619, beter bekend als Sint-Maarten, kreeg hij te Neuburg an der Donau een drietal visioenen. Naar zijn eigen zeggen had hij drie maanden niets gedronken, maar heeft hij toen de grondslagen van een « wonderbaarlijke » wetenschap ontdekt. Rond 1625 kwam hij in contact met pater Marin Mersenne, een wiskundige, die hem beloofde zijn manuscript Traité du Monde te publiceren. Naar Frans Hals of Jan Lievens?

In oktober 1628 reisde Descartes naar Middelburg, waar ooit zijn vriend Beeckman woonde, die inmiddels was verhuisd naar Dordrecht. Descartes schreef later niemand te hebben ontmoet met wie hij echt kon discussiëren. In april 1629 schreef hij zich in aan de Universiteit van Franeker en was gedurende enkele maanden student van Adriaan Metius. Tot 1634 woonde Descartes in Amsterdam aan de Kalverstraat, vervolgens op de Westermarkt 6, samen met Reneri. In 1639 kreeg hij het aan de stok met Gisbertus Voetius, een calvinistische hoogleraar theologie, die in een aantal lezingen over atheïsme Descartes als voorbeeld opvoerde. In 1640 verbleef hij in Leiden in het pand Rapenburg 21.

In 1642 had hij in Oegstgeest het Kasteel Endegeest gehuurd en kreeg bezoek van Comenius, een tegenstander, want die was een holist. In 1643 maakte Descartes via Alphonse Pollot kennis met de intelligente Elisabeth van de Palts, de dochter van de winterkoningin, en raakte bevriend met haar. Hij werkte aan een boek over de ontwikkeling van dieren, van foetus tot volwassen organisme. In de herfst van 1649 kwam Descartes vanuit Egmond-Binnen naar Stockholm. Christina zou een oorlogsschip hebben gestuurd om hem op te halen. Descartes kreeg het verzoek aan een plan voor een nieuwe universiteit te werken en de tekst bij een ballet te schrijven. Volgens de officiële versie liep Descartes op 1 februari 1650 een longontsteking op waaraan hij tien dagen later overleed, volgens tijdgenoten doordat hij niet gewend was aan het koude klimaat en aan het vroege opstaan waar de koningin hem toe dwong.

In oktober 1666 werd Descartes’ lichaam naar Frankrijk vervoerd. Descartes was een sleutelfiguur in de wetenschappelijke revolutie. Hij werd beïnvloed door de gebeurtenissen die toen plaatsvonden en door voorgangers als Johannes Kepler, Nicolaas Copernicus en Galileo Galilei. In de wetenschappelijke revolutie zijn drie stromingen van natuurkennis belangrijk geweest: de Atheense, de Alexandrijnse en de experimentele. Deze drie vormen kwamen uiteindelijk tijdens de wetenschappelijke revolutie bijeen en hieruit ontstond de moderne natuurwetenschap.

Descartes droeg met name bij tot de revolutionaire ontwikkeling van de Atheense stroming. Descartes wordt vaak genoemd als een aanhanger van de Stoa. Dit op grond van een passage uit zijn Discours de la Méthode waar hij over zijn tijdelijke moraal spreekt. Descartes is vooral bekend geworden door de methodische twijfel, een manier om te zoeken naar waarheid door systematisch aan alles te twijfelen. Net als de wiskunde zou de filosofie moeten uitgaan van bepaalde vaste beginselen, om op grond hiervan door deductie tot nieuwe kennis te komen. Met de stelling Cogito ergo sum neemt Descartes een dualistisch standpunt in: hij scheidt de geest van het lichaam.

Via allerlei gedachte-experimenten komt hij immers tot de conclusie dat hij er niet zeker van kan zijn dat hij een lichaam heeft, maar wel dat hij een geest heeft. Hij stelt dat men aan letterlijk alles moet twijfelen. In zijn filosofische onderzoekingen stuitte Descartes op de subjectiviteit van de menselijke waarneming. Wat is werkelijkheid, en wat is illusie? De menselijke waarneming bleek zo onbetrouwbaar te zijn dat aan de werkelijkheid, zoals de mens die waarneemt, kan worden getwijfeld.

This entry was posted in Nature et animaux. Bookmark the permalink.